Binnen thema: Begaafdheid

Begaafdheid

(Hoog)begaafdheid

Ongeveer 10% van alle leerlingen laat kenmerken zien die duiden op (hoog)begaafdheid. Naast een sterk ontwikkelingspotentieel beschikken begaafde leerlingen over creërend denkvermogen en een sterke gedrevenheid. Het is niet vanzelfsprekend dat dit zich ook uit in hoge prestaties op één of meerdere gebieden. Hiervoor is een stimulerende leeromgeving nodig, met onderwijsgevenden die rijk onderwijs vormgeven dat (ook) aansluit bij de specifieke onderwijsbehoeften van deze leerlingen.

Tips voor gespreksvoering

  • Zoek samen naar een tijdstip waarop rustig gesproken kan worden, en zet de tijd vast. Beperk de lengte van het gesprek (hooguit drie kwartier).
     
  • Vraag de ouders hun bespreekpunten bondig op schrift te stellen. Doe dit ook als leerkracht. En wissel de bespreekpunten vooraf uit.
     
  • Omschrijf (als leraar of ouder) voor uzelf duidelijk wat u hoopt te bereiken tijdens de leraar-ouder besprekingen.
     
  • Toon begrip voor de gevoelens en zienswijzen van de ander met betrekking tot de situatie.  Zie de ander als partner in het zorgen voor optimale omstandigheden om de ontwikkeling van het kind zo goed mogelijk te laten verlopen. Spreek daarom in de ‘wij’ vorm. Vraag vertrouwen van de ouders.
     
  • Vermijd het om iemand de schuld te geven. Erken dat de meeste mensen vanuit een goede intentie handelen, en dat ze mogelijk in de problemen komen omdat ze dingen over het hoofd zien, te weinig of juist teveel geïnformeerd zijn.
     
  • Beschouw de (hoog)begaafdheid van de leerling als een gezamenlijk aandachtspunt.
     
  • Als u nieuwe informatie over de leerling heeft, is het verstandig om te beginnen met de onderdelen die waarschijnlijk het meest aansluiten bij de waarnemingen van de ander en zodoende de basis voor een gemeenschappelijke uitgangspositie kunnen vormen. Vraag de mening van de ander over uw informatie. Besteed aandacht aan de vraag: wanneer en hoe lukt het wel/ zou het wel lukken?
     
  • Sta zoveel mogelijk open voor nieuwe informatie van de ander. Een open nieuwsgierige houding, in plaats van een defensieve houding, maakt dat de ander zich gehoord weet.
     
  • Als er gegevens van een 'expert van buitenaf' zijn, kunnen die heel bedreigend overkomen, omdat het lijkt aan te geven 'Zie je wel, je had ongelijk!'. Dit wordt door de ouders niet zo bedoeld. Voor hen is het een middel om hun bevindingen kracht bij te zetten en gehoord te worden.
     
  • Richt u bij het oplossen van problemen op een stapsgewijze aanpak (met een meetbaar resultaat) die realiseerbaar is.
     
  • Zet in om tot overeenstemming te komen over een concreet plan van aanpak, ook al wordt hiermee slechts een deeloplossing bereikt.
     
  • Als er geen overeenstemming wordt bereikt, of slechts gedeeltelijk, is het beter om uzelf de tijd te gunnen om na te denken en de nieuwe mogelijkheden of het nieuwe idee te overwegen.
     
  • Plan altijd een vervolgafspraak om de voortgang te bespreken.
     
  • Het kan vaak verstandig zijn om de interne begeleider, het schoolhoofd of anderen te betrekken in ouder-leraargesprekken.
     
  • Soms laat het resultaat van een reeks van gesprekken te wensen over. Weet wanneer u uw pogingen om een brug te bouwen of een situatie te veranderen, moet opgeven. In plaats daarvan kunnen de school en de ouders zich er dan beter op richten een vangnet te maken (bijv. een plusklas) of de leerling naar een andere klas of zelfs een nieuwe school over te plaatsen.
HomeOnderwijsThema'sProfessionalsScholen & Organisaties